Een algemene regeling voor het Right to Challenge: over interfaces in het publiekrecht

Abstract

Politiek gezien leek een regeling van het uitdaagrecht wat in Den Haag ‘laaghangend fruit’ wordt genoemd.

Iedereen is vóór, het moet alleen nog even worden geregeld. En dat kon evenmin veel moeite kosten, was de

gedachte. Dat bleek tegen te vallen. Uitvoering van deze politieke afspraak uit het regeerakkoord bleek nog

een hele puzzel. Aan het oplossen van deze puzzel hebben de auteurs van dit artikel een bijdrage geleverd door een mogelijke inhoud van een algemene regeling van het Right to Challenge vanuit juridisch perspectief verder te onderzoeken. De kern van hun conclusie is dat de in het coalitieakkoord overeengekomen regeling een onbegaanbaar pad vormt. In dit artikel reflecteren de onderzoekers op deze ontnuchterende valorisatieervaring, om het onderzoek op een abstracter niveau voort te zetten.