AB 2013/385

Abstract

Appellant is de exploitant van café A in Nijmegen. Zowel appellant als zijn buurman, de exploitant van café B, vragen vergunningen aan voor een terras tijdens de Vierdaagsefeesten. Op grond van de wet- en regelgeving van de gemeente Nijmegen kan slechts aan één van de twee cafés de benodigde vergunningen worden verleend. De vergunningen worden verleend aan de exploitant van café B en geweigerd aan café A. Appellant wordt zowel in bezwaar, beroep als hoger beroep in het ongelijk gesteld. Interessant aan deze uitspraak is dat de Afdeling het besluit van de burgemeester zeer marginaal toetst en hiermee een andere lijn lijkt te volgen dan het CBb bij vergelijkbare schaarse vergunningstelsels. Hierna zal kort de casus en wettelijk kader worden beschreven. Vervolgens wordt het oordeel van de Afdeling vergeleken met vaste jurisprudentie van het CBb bij de verdeling van schaarse besluiten.