Dwingende redenen van groot openbaar belang in de Flora en faunawet, een analyse van deze ontheffingsgrond naar aanleiding van recente jurisprudentie
Abstract
Voor een ruimtelijke
ontwikkeling is vaak een ontheffing op grond van de Flora- en faunawet (Ffw)
nodig. Deze ontheffing zal aan een aantal criteria moeten voldoen. Voor de
strikt beschermde dier- en plantensoorten geldt dat pas ontheffing wordt verleend als met die ontheffingverlening een belang wordt gediend zoals omschreven in de Habitat- of Vogelrichtlijn, Ffw of het Besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten (Bvbs). Eén van de in de Habitatrichtlijn (Hrl) genoemde belangen is de dwingende reden van groot openbaar belang. In dit artikel wordt ingegaan op de vraag wanneer sprake is van een dwingende reden van groot openbaar belang en hoe dit kan worden aangetoond. De aanleiding om dit artikel te schrijven in tweeërlei. Ten eerste zal de dwingende reden van groot openbaar belang vaker als grondslag voor een Ffw-ontheffing gaan dienen. Ten tweede heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (de Afdeling of ABRvS) zich recent in twee uitspraken uitgelaten over dit begrip.

