'Actum in camera scriptorum oppidi de Buscoducis': De stedelijke secretarie van 's-Hertogenbosch tot ca. 1450

Abstract

Het onderzoek naar de middeleeuwse stedelijke secretarie van 's-Hertogenbosch is tot op heden nog onontgonnen terrein, ook al zijn er incidenteel beschouwingen gewijd aan de Bossche stadsklerken en -secretarissen. Debet hieraan is het ontbreken van nagenoeg alle veertiende- en vijftiende-eeuwse stadsrekeningen. Dankzij de paleografisch-diplomatische analyse van alle stedelijke oorkonden, schepenprotocollen, vonnisboeken, enkele stadsrekeningen én de confrontatie van deze bronnen met notariële instrumenten en schrijfproducten uit andere stedelijke instellingen is Geertrui Van Synghel erin geslaagd de stedelijke secretarie te reconstrueren en de interactie bloot te leggen tussen de diverse stedelijke instellingen. De stedelijke secretarie kent een voor het hertogdom Brabant unieke, weinig hiërarchische organisatiestructuur en blijkt een uitzonderlijke taalpolitiek te voeren. Het gehele oorkondenbestand (5735 documenten) is verwerkt in een database en is samen met de afbeeldingen beschikbaar op de bijgevoegde cd-rom.

​​​​​​​Um die mittelalterliche Kanzlei der Stadt Herzogenbusch in all ihren Facetten zu ergründen, bedarf es eines neuen methodischen Zugriffs, der auf einer zweispurigen Strategie basiert. Der erste Schritt ist die paläographische Untersuchung aller überlieferten städtischen Quellen, nämlich Urkunden, Schöffenprotokolle, Gerichtsbücher und Stadtrechnungen. Das umfangreiche Quellenmaterial umfasst 5400 städtische Originalurkunden, ferner etwa 17.303 Folia Schöffenprotokolle, 534 Folia Gerichtsbücher und sechs Specimina Stadtrechnungen. Die paläographische Ergebnisse der vier Quellentypen werden dann in einem zweiten Schritt mit dem Befund verglichen, der sich aus der paläographischen Untersuchung von 262 Notarsakten ergibt. Erst der paläographische Vergleich mit den Notarsakten erlaubt also die Identifizierung von städtischen Schreibern (Ingrossatoren) und Stadtsekretären. Wir sind jetzt informiert über die Tätigkeit ä rtlicher Schreiber in den siebziger Jahren des 13. Jahrhunderts, die Existenz einer Kanzlei im Jahre 1281, ihre weitere Entwicklung bis ca. 1450, den Umfang des Verwaltungsapparats und das Verhältnis der einzelnen Sparten zueinander, die Identität vieler Skribenten und Stadtschreiber/-sekretäre, die Organisationsstruktur, die funktionale Differenzierung, die Professionalisierung, den Sprachgebrauch, die Interaktion zwischen der Kanzlei und anderen (Verwaltungs)stellen, das sich entwickelnde Bildungsniveau, die Rolle des Notariats, die Mechanismen der Rekrutierung, des Karriereverlaufs und des Prozesses der Verschriftlichung im Verwaltungssektor

NotariesTown scribes and secretariesTown secretariatUrban diplomaticUse of vernacular/Latin