Waar gehakt wordt, vallen spaanders: Over de beperkte mogelijkheden tot schadecompensatie na strafvorderlijk overheidsoptreden

Abstract

Het is goed voorstelbaar dat de opsporing van strafbare feiten de nodige schade met zich brengt voor burgers die zelf geen verdachte zijn of die later al dan niet ten onrechte als verdachte blijken te zijn aangemerkt. Een doorzoeking van een woning kan meer dan een kapotte voordeur opleveren, vooral als wordt vermoed dat op onbestemde plaatsen in de woning geld, verdovende middelen of vuurwapens kunnen worden aangetroffen. Als het stof is neergedaald, kunnen gedupeerde burgers langs verschillende wegen trachten hun schade vergoed te krijgen, maar een algemene wettelijke regeling ontbreekt. In het Wetboek van Strafvordering zijn slechts enkele bijzondere schadevergoedingsregelingen opgenomen, wat betekent dat een gedupeerde burger voor de overige schades is aangewezen op de schadeveroorzakende bestuurlijke instantie of op de civiele rechter. Deze procedures zijn niet doorzichtig en bieden doorgaans onvoldoende verhaal voor de geleden schade.