De Pieterskerk in Leiden – 1795-heden: herinnering en gemeenschap
Abstract
De Pieterskerk in Leiden wordt door het brede publiek tegenwoordig nog het meeste gezien als ‘een kerk die geen kerk meer is’. Voormalig religieus erfgoed dus, met een grote waarde voor de collectieve geschiedenis en identiteit van de stad. Deze omschrijvingen gaan derhalve voor een groot deel over wat het monument inmiddels al meer dan vijftig jaar niet meer is. Dit proefschrift stelt daarom een nieuwe blik voor, die dit perspectief verder kan verbreden en verrijken.
In plaats van vooral te kijken naar wat vandaag resteert van de geschiedenis, moet het verleden van de Pieterskerk ook vanuit de ontwikkeling begrepen worden. Op die manier wordt snel duidelijk dat het monument altijd al meerdere belangrijke functies in de stad vervulde, naast de hoofdfunctie als godshuis: het was een plek waar mensen zich actief tot het verleden konden verhouden, waar zij hun identiteit vorm konden geven, een plek voor plechtige bijeenkomsten en een spil in het dagelijks leven, een ontzagwekkend monument en een praktische gemeenschappelijke ruimte. Een plek met aanzien, prestige, uitdagingen, beslommeringen, conflicten - en het vermogen om te verbinden en inspireren.
Door zulke uiteenlopende functies te belichten over een periode van ruim twee eeuwen wordt duidelijk dat zij een grote continuïteit vertegenwoordigen, die ook in het heden - na meer dan vijftig jaar met een seculiere bestemming - duidelijk te herkennen is. Dit nieuwe perspectief biedt daarom verklaringen voor de duurzame rol van de Pieterskerk in de (lokale) gemeenschap en laat zien hoe er tegelijkertijd ook ingrijpende veranderingen hebben plaatsgevonden.

