Meerouderschap en het erfrecht: een onderzoek naar de erfrechtelijke positie van het kind en zijn ouders in een intentioneel meeroudergezin
Abstract
Een kind kan maximaal twee juridische ouders hebben. In de praktijk bestaan echter steeds vaker gezinsvormen waarin ervoor wordt gekozen om naast de juridische ouders ook andere volwassenen een rol te geven bij de verzorging en opvoeding van een kind. Dit wordt intentioneel meerouderschap genoemd. Dit onderzoek is gericht op de gevolgen van intentioneel meerouderschap in het erfrecht en de erf- en schenkbelasting. In dit boek worden twee situaties onderscheiden. In de eerste plaats wordt de erfrechtelijke positie van het kind in een meeroudergezin onderzocht in de huidige situatie waarin het kind maximaal twee juridische ouders heeft (informeel meerouderschap). Onderzocht wordt hoe gelijke bescherming en erkenning kan worden bereikt voor alle kinderen binnen het meeroudergezin, zonder afbreuk te doen aan het huidige wettelijke systeem. In de tweede plaats wordt de erfrechtelijke positie van het kind in een meeroudergezin geanalyseerd in het geval er conform het advies van de Staatscommissie Herijking ouderschap uit 2016 een wettelijke regeling voor meerouderschap zou gelden, waarbij het kind ten hoogste vier juridische ouders kan hebben (juridisch meerouderschap). Voor deze situatie wordt bezien of wijziging van het erfrecht en de Successiewet nodig is bij het vervaardigen van een wettelijke regeling om knelpunten en onduidelijkheden te voorkomen.

