Vertrouwen: een essentiële voorwaarde voor de democratie of juist haar vijand?
Abstract
Ten tijde van de Koude Oorlog keken de westerse samenlevingen, waaronder Nederland, vol afschuw naar de totalitaire regimes onder leiding van de Sovjet-Unie. De totalitaire, en ten tijde van de Koude Oorlog communistische, staatsvormen onderdrukten hun bevolking die vol angst hun leiders volgde. Angst en repressie als mechanismen om de staat te laten functioneren keurde men ten strengste af in onze democratische staatsbestellen. Echter, hoe zorgen Nederland en andere democratische systemen er dan voor dat burgers zich aan de geldende regels in die staat blijven houden? Op welke wijze wordt een democratisch land gereguleerd? Een bestuur dient haar macht te behouden en te kunnen toepassen. Anders gezegd, op welke manier laten overheden in democratische landen met een sterke rechtsstaat, waarvoor mechanismen als angst en repressie geen optie zijn, burgers in de pas lopen?

