"Als mensen spreken over het verminderen van het overheidspersoneel, weet men niet waarover men het heeft": interview met dr. Frits van der Meer
Abstract
Dr. Frits van der Meer is niet alleen docent Bestuurskunde en lid van het Departementsbestuur. Hij is ook gerenommeerd onderzoeker. Op zijn kamer op de vijfde verdieping houdt hij zich onder andere bezig met onderzoek naar ambtelijke organisaties en hij mag zich inmiddels, ook op het internationale toneel als bestuurskundige, een ware autoriteit op dit gebied noemen. Vooral waar het gaat om het tellen van ambtenaren is hij een expert. Daarom vroeg Bestuurskundige Berichten hem aan de tand over de discussie die in de politiek en bij verkiezingen vaak wordt gevoerd over het vermeende te grote aantal ambtenaren dat werkzaam zou zijn bij de Nederlandse overheid. Politici maken zich immers al gauw populair met uitspraken over de nood voor snijden in de bureaucratie. Zo beoogt men de kosten én de regeldruk bij de overheid te verminderen en deze efficiënter te laten werken. Met het vierde kabinet-Balkenende is zelfs (paradoxaal genoeg) een nieuwe top-ambtenaar aangesteld om met plannen te komen om het ambtelijk apparaat in te krimpen. Maar is het werkelijk zo slecht gesteld met de omvang van de Nederlandse overheidsbureaucratie? Dr. Van der Meer hierover aan het woord.

