The politics-administration dichotomy : a reconstruction
Abstract
Er is door politicologen en bestuurskundigen al veel empirisch onderzoek verricht naar de wijze waarop politici (ministers, wethouders) en ambtenaren met elkaar omgaan. Zelden wordt echter de vraag gesteld naar het hoe en waarom van de tweedeling zelf. Wat is ten diepste het onderscheid tussen politiek en ambtelijk bestuur? Waarom hebben moderne staten deze tweedeling eigenlijk ooit ingevoerd en waarom handhaven zij haar nog steeds? Is de tweedeling in een tijd van complex netwerk-governance nog wel zinvol? Op dit soort vragen probeert mijn proefschrift een antwoord te geven. Ik betoog dat het onderscheid tussen politiek en ambtelijk bestuur vaak te veel wordt versmald (bijvoorbeeld zo: politici nemen besluiten, ambtenaren bereiden deze voor en voeren ze uit; of politici worden gekozen en ambtenaren benoemd) en pleit voor een veel bredere opvatting van het onderscheid (bijvoorbeeld als democratie/bureaucratie). Verder betoog ik dat de tweedeling in de 19e eeuw is ontstaan als constitutioneel principe, verwant aan de leer van de trias politica van Montesquieu, en als zodanig ook nu nog steeds hoogst relevant is. Haar belangrijkste doelstelling is niet om de (democratische) kwaliteit van de politiek te waarborgen, of de effectiviteit en efficiency van het bestuur, maar om de staatsmacht in zijn geheel te beperken zodat er politieke vrijheid ontstaat voor burgers.

